• Algemeen

    Diagonale du Vide

    Ze hebben alle drie twee jaar Frans gehad op de basisschool, ze hebben alle drie gymnasium gedaan, en waren alle drie redelijk tot goed in Frans. Daarna waaieren de loopbanen van de drie rayonbeheerders uit. De vrijwilligers van het rayon Frans vertellen over hun belevenissen tussen de boekenbergen van Colette. Op de foto, van links naar rechts: Hein, Piet (groene trui) en Paul.

    Paul Andriessen had op school een voorsprong omdat hij een Frans vriendinnetje had. Hij doorzag de finesses van proefvertalingen zo goed dat hij te vrij te werk ging en onvoldoendes haalde. ‘Je begrijpt de tekst, maar je hebt haar niet vertaald’, was het commentaar van de leraar. Hij ging in Nijmegen Franse Taal- en Letterkunde studeren en ontdekte Louis-Ferdinand Céline. Diens ‘Voyage au bout de la nuit’ zette zijn wereldbeeld volledig op zijn kop. ‘Ik werd omver geblazen.’ Hij liet het wereldje van Alliance Française achter zich en switchte naar politicologie en het daarbij passende activisme. Frans en Frankrijk zijn levenslange passies gebleven, met veel vakanties en fietstochten. Nog steeds beklimt hij periodiek de Mont Ventoux ‘om te kijken of ik het nog kan.’

    Piet Driest had een aardige leraar Frans, zijn keuze voor Franse taal- en Letterkunde (in Groningen, aan de universiteit die het verst weg lag van zijn geboortestad) was niet heel bewust. Een jaar lang close reading van Madame Bovary verslingerde hem aan Flaubert. Hij heeft al diens voetstappen gevolgd, is op alle plekken geweest, en heeft twee kasten vol boeken van en over Flaubert. Hij omschrijft het boek als een soort Desperate Housewives, net als Eline Vere, Effie Biest en Anna Karenina. Emma’s idee ‘Als ik maar eenmaal in Parijs ben’ is universeel, zoals Ramdas en zijn kompanen in Suriname hun zelfverwerkelijking verwachtten in Amsterdam. Na het afstuderen besefte hij dat het leraarschap, de enige realistische optie, niet zijn ambitie was en ging psychologie studeren.

    Hein van der Hoeven heeft (net als Piet en Paul) op de basisschool twee jaar Frans genoten, en had er op het Gym wel aardigheid in. Maar niet voldoende om hem af te houden van een studie rechten. Destijds was Frans bij Buitenlandse Zaken, waar hij kwam te werken, een taal die nog beheerst moest worden. Hij ging naar Franse radiostations luisteren en een cursus conversatie doen om zijn kennis bij te spijkeren. Bij Colette verwachtte hij dat er weinig belangstelling zou zijn voor rayon Frans, vandaar.

    De Pyreneeën overgetrokken

    Een maand geleden is het hen samen gelukt om alle boeken uit het rayon een keer door hun handen te laten gaan. ‘We hebben het midden van de berg bereikt’ en ‘We zijn de Pyreneeën overgetrokken’ noemen ze dat. Een prestatie die veel Coletters met bewondering en lichte naijver zal vervullen. Een leuke vondst vormden 50 tot 60 afleveringen van Que sais-je, een bekende serie gepopulariseerde wetenschap. Daarnaast kwamen ze veel stof en spinnewebben tegen.

    De boeken staan nu op alfabet, behoudens een klein bergje in het gangpad. De ijzeren voorraad omvat Camus, De Beauvoir, Sartre, Sagan, Zola, Proust en Voltaire; en boeken óver Napoleon. De collectie loopt tot ’65, valt hen op. Het werk van Colette is een hoofdstuk apart, dat staat rond de Stoel van Joghum en wordt nog steeds door hem bijgehouden.

    Recent wilde een gulle donateur 800 boeken schenken, daar heeft Paul advies over gevraagd aan Kiki Coumans, gerenommeerd vertaalster van Franse literatuur. Deze gift staat nu in de kelder te wachten op toelating tot de winkel.

    Franse cultuur lekt weg

    Het gesprek komt op het weglekken van Frans en de Franse cultuur uit Nederland. In Den Haag is Icarus verdwenen, een goed gesorteerde boekhandel in de Molenstraat, in Amsterdam is het vermaarde Maison Descartes verkocht. ‘In heel Den Haag zijn bijna geen Franse boeken meer te koop.’ Een van de heren durft te poneren dat Colette de uitgebreidste collectie Franse boeken in Nederland heeft. Dat is mooi, maar ook triest.

    Piet rapporteert dat er in Groningen activiteiten zijn om Romaanse talen in ere te houden. Er zijn meerdere Franse avonden gehouden, volgende keer is Céline aan de beurt. Paul associeert verder: Céline was mordicus tegen het verfilmen van zijn werk. Bij een bouquiniste langs de Seine trof Paul een aardig boekje over de discussies en ruzies rond het al dan niet verfilmen van de ‘Voyage’.

    En Piet weer: van Bovary zijn 22 verfilmingen, de jongste is nooit in bioscopen vertoond omdat de distributeur failliet ging. Er staat een nieuwe vertaling van Bovary op stapel, door Martin de Haan. De verwachtingen zijn hoog gespannen, want de vertaling van Van Pinxteren was briljant.

    Over de verkoop

    De klanten zijn vooral expats, maar ook Nederlanders kopen Franse literatuur. Piet heeft meegewerkt aan een Frans gezelschap dat vier keer per jaar een toneelstuk in Theater De Regentes organiseerde. Hij zorgde dat Colette er een standje had (zie foto).

    Hardlopers zijn Camus, Sartre en De Saint-Exupéry. Exemplaren van De Kleine Prins zijn meestal binnen een week verkocht. Ook Simenon blijft veelgezocht; diens boeken (veelal als Zwarte Beertjes) liggen in de stapel meteen rechts bij het betreden van de winkel.

    Wensen

    Hun belangrijkste wens kan als motto in een gevelsteen aan de Reinkenstraat worden gebeiteld: we willen meer kastruimte. Naast hen bivakkeert Engels dat de dubbele rijen heeft afgeschaft. Als ze daar eens zouden indikken, dan komt er minstens één kast vrij voor Frans. Ander soelaas is mogelijk door de naar Nederlands vertaalde literatuur weer terug te brengen naar dat rayon, waar ze overigens vandaan kwam.

    De derde wens verandert al pratend in een voornemen. Ze willen meer zien te acquireren, vooral moderne schrijvers. Ze vinden het gênant dat de collectie, op Houellebecq na, ophoudt halverwege de jaren ’60. Dat kan toch niet. Dat is de winkel ook verplicht aan Colette die per slot Française was.

    In de categorie anekdotes past het verhaal dat Tomas Ross een tijdje geleden zoveel plezier beleefde aan de winkel dat hij alle aanwezige exemplaren van zijn werk heeft gesigneerd. Twee dozen met werk van Zola, respectievelijk Molière, hebben jarenlang op een koper liggen wachten.

    Piet heeft een boek met een handgeschreven opdracht van Apollinaire in bezit gehad en via Colette voor een mooie prijs verkocht.

    Saint-Sauveur-en-Puisaye

    Het geboortedorp van Colette ligt in de Diagonaal der Leegte. Die loopt van Noordoost naar Zuidwest Frankrijk, en wordt zo genoemd omdat de bevolkingsdichtheid er sterk is afgenomen in de twee afgelopen eeuwen. Het zou een mooi idee zijn om bij vijfde verjaardag van de overname, volgend jaar, een excursie van Coletters per bus naar Saint-Sauveur-en-Puisaye te organiseren. Het dorp maakt veel werk van haar beroemde inwoonster. Per slot was ze een grande dame, werd opgenomen in de Académie Goncourt en het Légion d’Honneur, en is nog steeds feministisch icoon.

    Naschrift

    Kort na het interview hebben de drie met succes gezocht naar moderne Franse literatuur. Ze hebben zoveel gevonden dat daar nu twee planken mee zijn ingeruimd.

  • Algemeen

    Een afbakening van het corpus

    Een happy hour voor scholieren, de territoriumstrijd, linksom-lopende klanten. De vrijwilligers van het Rayon Nederlands doen een boekje open over hun werk in Colette. Rob Jamin tekende het op.

    Het rayon Nederlands wordt gerund door Aad van Schie, Arjen van Meijgaard en Timen Kraak (van links naar rechts op de foto). Timen en Arjen werken al dan niet regelmatig op zaterdagen, Aad is speciaal voor de gelegenheid langs gekomen. Aad heeft haast, want bij moet straks op stap met een van zijn kleinkinderen.

    We beginnen dus met het begin, de periode meteen na de overname. In de hele winkel was dat de ordeningstijd, de oerperiode waarin alle rayons te weinig ruimte hadden en elkaar terrein betwistten. Timen en Aad, die aanvankelijk het rayon samen beheerden, kwamen op het idee om alle vertalingen uit
    te plaatsen. Gezien het universele ruimtegebrek stuitte dat op aanzienlijke weerstand bij de collega’s van
    andere rayons. Dat leidde een tijd lang tot golfbewegingen in het bestand: uitgeplaatste boeken werden
    gewoon teruggezet. Het eigenaren-collectief had zelf de handen vol aan het overkoepelende gebrek aan
    ruimte. Colette stikte bijna. De onderlinge territoriumstrijd lieten ze mede daarom aan zich voorbijgaan.

    Sorteren en filteren
    Nog steeds beginnen Timen en Arjen de zaterdagochtenden met filteren en ruimen: alle boeken die niet onder Nederlands vallen, worden naar het correcte rayon gebracht. De interviewer herkent dit schaterend als een universeel Colette-fenomeen, zo starten alle medewerkers hun shift. Doordat het rayon Nederlands pal achter de linker etalage begint, heeft het ook te kampen met ‘vervuiling’ uit die hoek. Het heeft overigens een hele tijd geduurd voordat de geïnterviewden ontdekten dat er achter en onder de etalage ook stellingen aanwezig zijn. Daar bleek zich o.a. de collectie literaire tijdschriften schuil te houden.

    Ordenen
    Inmiddels is het rayon min of meer op alfabet geordend, en zijn de dichtbundels verplaatst naar het aanpalende rayon Poëzie. Wat nu opvalt, is dat er gaten vallen in de achterliggende rijen (de boeken
    staan twee rijen dik). De heren hebben het voornemen om op een speciale zaterdag alles letterlijk uit de kast te trekken en opnieuw te sorteren. Inmiddels hebben ze wel ruimte gevonden om de drie-, vier- en vijfdubbele exemplaren te herbergen. Die staan nu links in het gangetje naar Blauwbaard.

    Assortiment
    Couperus heeft een eigen kast, er is een plank met Vestdijk. In de stapel bij de buitendeur liggen gewilde auteurs als Hofdorp, Wolkers, Reve, Hermans, Maarten ’t Hart en Mulisch. Er zijn te weinig klanten uit België om Boon een eigen plek te geven. Ook thrillers zijn in trek, naast Hofdorp vooral Van Zomeren.
    Dan is er nog de territoriumstrijd met de Indische letteren. De rayonhoofden daarvan willen Haasse en
    van Dis daar weg, en ook du Perron en Springer vinden ze daar niet écht op hun plaats. De ‘aanval’ is
    voorlopig afgeslagen door het werk van Haasse te accepteren. Dat staat inmiddels voor 90% bij de
    Nederlandse fictie. Tijdens de discussies hierover kwam Timen met de onsterfelijke beschrijving ‘Een afbakening van het corpus’ die ontleend is aan Praamstra in DBNL.

    Voornemens
    Een van de plannen is om een Happy Hour te organiseren voor scholieren. Ook al zijn de leeslijsten afgeschaft, er circuleren nog steeds overzichten van populaire literatuur. Tijdens het Happy Hour brengt Colette die populaire boeken én goede aanraders tezamen, en biedt ze voor een vriendenprijsje te koop aan.

    Omzet
    Uit de notities in het kasboek heeft Hein van der Hoeven lijsten samengesteld van verkochte boeken. Het merendeel blijkt fictie te zijn, en een belangrijk deel dáárvan zijn klassieken. De aanwezigen melden dat er nogal wat spijtoptanten zijn. Dat zijn mensen die eerder boeken hebben weggedaan, maar ze voor een deel weer terug willen. Zo kwam er een tijdje geleden een gedistingeerde dame de winkel binnen die boeken zocht die ze tien jaar tevoren aan Colette had geschonken. Maar ze wilde uitsluitend de exemplaren die ze tóen had achtergelaten, want de andere boeken ‘zijn vies’.

    Een tijd geleden heeft Arjen een cursus gevolgd hoe je een winkel optimaal inricht. Één les luidde dat
    de klanten in boekwinkels zich meestal linksom bewegen. Het rayon Nederlands zit dus op een topplek.

    Anderstaligen
    Een ervaring is dat buitenlanders Nederlandse literatuur gebruiken om de taal te leren; dan worden o.a. Van Zomeren, Elsschot en Nescio aangeraden. In het algemeen geven de heren weinig adviezen, ze doen wel aan aanraders. AFTh voor mensen die houden van dikke boeken. Expats vormen sowieso een aanzienlijk deel van de klanten, die zoeken naast Engelse en Engelstalige literatuur vooral naar
    kookboeken. Het kasboek blijkt een onvermoed voordeel te hebben. Terwijl de Colette-medewerker de tijd neemt om de auteurs en titels van de uitgezochte boeken omzichtig te kalligraferen, dwaalt de klant nog wat door de winkel en komt met een of twee andere boeken aanzetten die ook gekocht worden.

    Anekdotes
    Een mooie ervaring was de postbode die in uniform binnen kwam met een vraag naar Cuba-boeken van Mulisch. De heren ronden af met elk een eigen sterk verhaal. Kort nadat hij een hertaling van Rhijnvis Feiths Julia had uitgebracht, kwam Arjen een vroege uitgave daarvan tegen. En toen hij een reis naar de Faeröer voorbereidde, stuitte hij op het boek ‘Buzz Aldrin, waar ben je gebleven’, van de in Noorwegen zeer bekende Johan Harstad. Aad wist tot twee maal toe een zoekende klant te bedienen met Ranonkel van Jacques Hamelink. En Timen kreeg een exemplaar van de Edda in handen, in een vertaling uit 1911.
    ceterum censeo De uitdrukking ‘Een afbakening van het corpus’ verdient het te worden opgenomen in het idioom van Colette.

  • Algemeen

    Ontmoet team Colette: Maria Lepilova

    Bij Colette zijn inmiddels zo’n 50 vrijwilligers actief. Onze Rob Jamin sprak voor deze aflevering van ‘ontmoet team Colette’ met Maria Lepilova. Maria heeft Russisch en Italiaans onder haar hoede. Italiaans loopt wat minder, er zijn weinig klanten die daar naar vragen. Boeken ín het Italiaans die eruit gaan, dat is echt een zeldzaamheid.

    Russisch daarentegen loopt wél goed, vooral de grote literatuur. ‘Nu wil men die rare Russen kunnen begrijpen.’ Het valt haar op dat er veel jonge mensen onder zijn. Daar wordt ze blij van: ‘Er zijn nog mensen die lezen!’ De meeste boeken die verkocht worden zijn vertalingen in het Nederlands en Engels; Franse en Duitse vertalingen worden ook wel verkocht, maar aanzienlijk minder. De mensen kunnen zelf zoeken, de kast staat netjes op alfabet, de letters aangegeven op keurige scheidingsbordjes. 

    Bordjes met beginletters

    Maria blijkt de uitvinder van deze bordjes te zijn. ‘Gewoon, de achterkant van een kleerkast uit de container gehaald, en die in stroken gezaagd.’ Ook het systeem waarmee fotopanelen worden uitgestald vóór de kasten is van haar hand. Onlangs zijn de inmiddels beroemde foto’s van Het Residentieorkest op die manier geëxposeerd. Simpel maar doeltreffend, hoe elegant wil je het hebben. Ze doet er nogal laconiek over.

    Ze geeft liever geen adviezen

    Dankzij de bordjes in de kast met Russen hebben zoekende klanten geen gids nodig. Ze krijgt wel eens de vraag wat ze aanraadt als kennismaking met de Russische literatuur. ‘Tja, wat moet je dan zeggen? Dat hangt helemaal af van iemands eigen achtergrond en smaak. Wat zou jij zeggen als iemand een advies vraagt over Nederlandse literatuur? Daar is toch geen goed antwoord op te geven?’ Zo’n vraag om advies honoreert ze liever niet. Haar manier is om een paar grote bekenden aan te wijzen – geluk bij een ongeluk dat er weinig keus is. Dan blijken mensen toch spontaan zelf te kiezen.

    Assortiment

    Colette heeft nauwelijks aanbod van moderne Russische schrijvers, af en toe duikt er een dissident op. Wel de groten als Tolstoi, Toergenjev, Dostojevski. Hoe vult ze de kasten aan? ‘Vooral uit de kelder. Er komt heel weinig binnen.’ In de stapels onderaan de kasten, dus eigenlijk in het gangpad, zet ze de speciale boeken en de dubbele exemplaren. Op een geheime plek heeft Maria een voorraadje met heel speciale boeken. Onbevangen legt ze uit waar dat is. Het is midden in de winkel, alsof je met een goocheltruc voor publiek en camera’s Poetin van zijn colbert ontdoet. Dit is te mooi om te verklappen.

    In het Rusland van haar jeugd waren weinig boeken boeken

    In haar jeugd, in Rusland, waren er weinig boeken. Er was censuur. Boeken werden doorgegeven, soms voor maar één nacht. Overschrijven of overtypen was heel gebruikelijk. Wat er was, was alleen Russisch, niet de modernen. Als er al buitenlandse literatuur was, hield dat op na de 19e eeuw. In Moskou waren wat klandestiene winkeltjes, de boeken waren heel erg duur. Maar thuis gaf haar moeder er een vermogen aan uit: literatuur (Russisch en vertaald), kunstalbums, veel naslagwerken, encyclopedieën van alle soorten, woordenboeken, enz. ‘Goede boeken waren inderdaad moeilijk te vinden, maar mijn moeder was er erg begaafd in. Dus ik groeide wel mét boeken op, maar ook met het gevoel dat het een schat is die je moet waarderen en koesteren. In mijn vroege jeugd, vóór de jaren ’90,  werden boeken klandestien gekopieerd. Daarna stroomde er opeens alles naar het land toe, alles mocht, alles kon.’

    Nu nog heeft Maria zelf de neiging om een bijzonder boek meteen te kopen, uit angst om het nooit meer tegen te komen. ‘Ik moet echt opletten dat ik geen hoarder word.’

    Van Rusland via Frankrijk naar Nederland

    De tweede Russische universiteit waar ze studeerde, werkte samen met een Franse uni. Ze haalde haar master bij een Franse gast-professor. Bij diens faculteit kreeg ze een beurs om een jaar onderzoek te doen. Dat duurde tot de liefde toesloeg. Haar toekomstige man vond werk Nederland, in de weekends pendelde ze heen en weer. Op den duur is ze naar Nederland verhuisd, maar toen werd doorgaan met onderzoek te lastig. ‘Ik zat te ver van het vuur.’ Juist de informele contacten en uitwisselingen met collega’s zijn bij wetenschappelijk onderzoek van wezenlijk belang.

    Colette

    Talig als ze is ging ze in Den Haag, haar nieuwe woonplaats, op zoek naar boekwinkels. ‘Wat lezen jullie?’ Ze trof een winkel in de van Hoytemastraat die inmiddels is verdwenen, the American Book Center, én Colette. Jogchem wist altijd precies waar het boek dat ze zocht te vinden was: ‘Ja, klim maar op die stapel, gewoon, met je schoenen. Daarachter ligt het.’ Ze durfde niet goed om zich als assistente aan te bieden. Maar bij de overname heeft ze geen moment geaarzeld. Maria is van begin af aan vrijwilliger geweest.

    Het rayon Russisch heeft veel last van overloop van de naast gelegen thrillers, en van misplaatste boeken uit Oost-Europa. ‘Niet elke Natasha of Nacht in Moskou is Russisch.’

    Maria komt nu aan de kost met vertalingen naar het Russisch, haar moedertaal. Het meeste uit Frans en Engels, af en toe Italiaans, en zelden uit het Duits. Maar dat gaat aflopen, het ligt politiek en financieel moeilijk, uitgevers verdwijnen.

    Wensen

    Wat ze graag anders zou willen? ‘De kast is te klein, ik kan niet alles kwijt. Ik wil een groter aanbod, met meer keuze ín het Russisch. Daar is veel vraag naar, vooral van nieuwe migranten uit Oost-Europa.’ Jammer genoeg worden er nooit boeken in het Russisch aangeboden. Colette heeft ze niet, dat spreekt zich rond en dus komen de mogelijke klanten niet.

    We deden dit interview in de winkel. Mede dankzij een belezen klant, ploeggenote Moniek en étaleuse Ingrid werd het een lang gesprek dat vele kanten uitwaaierde. Typisch zo’n mooie Colette-discours.

  • Jeannette en Marianne van Rayon Kunst aan de keukentafel bij Colette
    Algemeen

    Opgeruimde types

    De kunstberg is een van de prominentste afdelingen van Colette. Niemand kan er omheen, nauwkeuriger gezegd: iedereen móet er omheen. Hij wordt gekoesterd door maar liefst twee rayonhoofden: Jeannette van Zijl en Marianne van Erp. Hoewel er geen hiërarchie tussen hen bestaat, is Marianne met haar opleiding tot kunsthistoricus de prima inter pares. Met praktische ervaring in beeldende vorming volgt Jeannette op een banddikte.

    Hun belangrijkste doel is het bestrijden van de chaos. Net als Mount Everest is de kunstberg verworden
    tot dumpplaats. Restanten uit de buitenetalage, vers ingebrachte aanwinsten uit ontruimingen,
    misplaatste werkjes uit andere rayons, dat alles wordt door de collega’s bij voorkeur geparkeerd op de
    hellingen van de kunstberg. De werkdagen van Marianne en Jeannette beginnen met sorteren en
    herplaatsen. Pas daarna kunnen ze aan de slag met hun eigenlijke werk: het rubriceren en bijeen
    brengen van gelijkaardige boeken. Ze hebben onderafdelingen als: Van Gogh, Rembrandt, Franse
    impressionisten, architectuur, design, kunstnijverheid, doe-het-zelf, foto & film, en nog zo wat. Ze
    hebben hun hoop gericht op het leeg komen van de kelder en Blauwbaard, dan komt er wellicht ruimte
    voor uitbreiding van hun rayon.



    Verkoop loopt goed
    Ze zijn tevreden over de verkoop, die loopt goed. De berg trekt veel belangstelling. Regelmatig zijn er
    klanten die systematisch alle rugteksten nalopen, een karwei dat uren in beslag kan nemen. Vaak treffen
    ze snuffelende studenten.

    Het aanbod komt in golven, vooral van ontruimingen (“mijn moeder/vader is overleden”, een tekst die
    in varianten dagelijks in de winkel is te horen). Er zitten pareltjes tussen, bijzondere collecties, fraai
    uitgevoerde drukken. Onlangs een prachtige verzameling Russische kunst. Frappant is dat zulke
    bijzondere boeken heel kort na binnenkomst al worden verkocht. Naar architectuur is veel vraag, maar
    het aanbod is opvallend laag.

    Het valt hen op dat ze vaak gerichte zoekvragen van bezoekers kunnen honoreren. Onlangs wilde
    iemand alle aanwezige Eschers kopen, die ging met vijf boeken de deur uit. Nu ze erover nadenken,
    voor Van Gogh is opvallend weinig belangstelling. Misschien is een gerichte outlet-actie een idee.

    Graag een eigen kast
    Opvallende winkeldochters zijn catalogi van grote tentoonstellingen. Daar hebben ze vaak wel vijf
    exemplaren van. Maar hoe mooi ze ook zijn, ze raken snel gedateerd en daarmee uit de belangstelling.
    Een bijzonder kenmerk van de kunstboeken is hun formaat. Ze passen niet in de gewone kasten.
    Marianne en Jeannette zouden het liefst een speciale kast hebben voor de kunstboeken. Ze onthullen en
    passant een goed bewaard geheim: onder de kunstberg gaat een speciaal kastje schuil dat volgens
    Jogchum heel handig was om bij feesten je glas met wijn op te zetten. Das war einmal.
    Een tijdje geleden kregen ze een paar dozen met prachtige boeken binnen, afkomstig van de Haagse
    Kunst Kring. Zij dolenthousiast, natuurlijk. Maar na twee dagen kwam er een telefoontje: men had zich
    vergist en kwam ze weer terughalen. Wat mocht blijven was helaas niet heel bijzonder.
    Ze houden regelmatig opruimochtend. Wat niet loopt, gaat naar de outlet en is dan verrassend snel
    verdwenen. Wanneer er een heel bijzonder boek binnenkomt, gaat dat naar de veiling. Kort geleden nog
    een piepklein boekje van Charlie Watts, dat heeft € 100 opgebracht.


    Kookboeken
    De afdeling kookboeken valt ook onder de hoede van Jeannette en Marianne. Die staat nu een beetjeKverloren naast de ingang van Blauwbaard, ze hopen dat die prominenter in de winkel komen,
    bijvoorbeeld als de horror zou verhuizen naar de kelder. Voor kookboeken hebben vooral expats
    belangstelling. Speculerend komen we op het idee dat men die makkelijk thuis laat bij een verhuizing.
    Ook hier een smakelijke anekdote. Bij een optreden van Janneke Vreugdenhil – die royaal schonk uit
    haar recensie-exemplaren, werd de legendarische Indonesische kookbijbel van Beb Vuyk geveild. Om
    de prijs wat op te drijven deed Jeannette een bod. Helaas ging niemand daar overheen, en bij
    thuiskomst bleek er al een exemplaar in haar kast te staan.

    Gevraagd naar hun wensen komen ze als eerste op meer ruimte. Ze willen bijvoorbeeld de fotoboeken
    geopend presenteren, en er meer informatie bij verstrekken, eventueel aangevuld met curiosa. En ze
    willen meer aansluiten op de actualiteit, etalages naar aanleiding van grote exposities. Maar soms is er
    dan niet voldoende in huis of – eigen boezem – hebben ze er niet tijdig aan gedacht.
    Tot slot een wens waar bezoekers én medewerkers warm voor kunnen lopen: ze willen kunst ophangen
    in de ruimte tussen de bovenste rijen boeken en het plafond: prenten, schilderijen, foto’s.