• Algemeen

    Colette viert boeken uit de buurt met bijzondere braderie

    De BuurtBoekenBraderie is op zaterdag 13 juni van 12.00 tot 14.00 uur in en rond Colette & Co aan
    de Reinkenstraat en vormt de aftrap van een week vol bijzondere lustrumactiviteiten..

    Wat hebben een huishoudschool, een onderduikadres, een tot theater omgebouwd zwembad en een tweedehands boekwinkel met elkaar gemeen? Simpel: het zijn allemaal bijzondere locaties in de buurt van het Haagse Duinoord. Locaties met verhalen die het verdienen verteld en breed gedeeld te worden. En dat gebeurt ook: over al deze plekken zijn zeer lezenswaardige boeken verschenen.

    Op zaterdag 13 juni komen ze allemaal samen op een unieke BuurtBoekenBraderie bij Colette & Co. Want Den Haag heeft veel meer geheimen dan je denkt!

    Voor de buurt, voor de boeken, voor de verbeelding: dat was het credo van de acht boekminnende buurtbewoners die Colette in 2021 overnamen. Vijf jaar later bruist Colette & Co als nooit tevoren.

    Het beroemde en beruchte boekenparadijsje aan de Reinkenstraat heeft zich in korte tijd ontwikkeld tot een geliefde ontmoetingsplaats voor lezers, schrijvers, cultuurliefhebbers, kunstenaars en iedereen die behoefte heeft aan een praatje of gezelschap. Of aan een parallelle wereld waar de verhalen letterlijk voor het oprapen liggen. De boeken verbinden de buurt en de wijde omgeving. Tijdens de BuurtBoekenBraderie die we organiseren ter gelegenheid van ons eerste lustrum, nemen we dat heel letterlijk: we zetten de spotlights op boeken en schrijvers die rechtstreeks uit de buurt komen.

    Geheimen
    Want er vallen nog zóveel bijzondere verhalen op te graven. ‘Den Haag, u heeft veel meer geheimen dan ik dacht’, sprak burgemeester Jan van Zanen vijf jaar geleden. Hij was een nog maar amper een jaartje burgemeester toen hij zijn eigen etalage mocht onthullen bij antiquariaat Colette, dat op het punt stond te worden overgenomen door een grote groep vrijwilligers uit de buurt. Hij toonde zich enthousiast en geroerd over het hartverwarmende buurtinitiatief. Geïnspireerd door de intussen gevleugelde uitspraak van onze burgervader brengen we nu een verzameling van al die geheimen bij elkaar rondom onze winkel. Kom de verhalen ontdekken en ontmoet de vertellers!

    Een greep uit de aanwezige boeken en hun schrijvers:
     Ooit was het de grootste overdekte zwem- en badinrichting van Europa, inmiddels is het gebouw aan de Weimarstraat alweer vele jaren een theater voor en door de buurt. Historicus Bert Alers schreef een fraai en origineel vormgegeven gedenkboek over de Regentes, getiteld Van water naar theater – 100 jaar De Regentes

     Een markant bouwwerk aan de Laan van Meerdervoort heeft een toonaangevende rol gespeeld in het huishoudonderwijs in Den Haag. Het pand doet tegenwoordig dienst als appartementencomplex, maar over de roemruchte geschiedenis schreef Rosa Bilkes in samenwerking met het Haags Historisch Museum De Spinazie Akademie – 125 jaar Haags Huishoudonderwijs

     Zeker zo markant en historisch relevant is het verhaal dat Cor Speksnijder deelt in zijn boek Reinkenstraat 19. Het bijna-buurpand van Colette & Co deed in de oorlog dienst als onderduikadres voor tientallen joden. Met gevaar voor eigen leven creëerde de Indische verpleegster Mies Walbeehm in haar kleine appartement het ‘Haagse Achterhuis’

     Een halve eeuw geleden kwam een einde aan de vleetvisserij op haring zoals die eeuwenlang op Scheveningen was bedreven. Aan de hand van persoonlijke verhalen van de laatste generatie vleetvissers geeft Geert Gunneweg met zijn boek Terug op Scheveningen een indringend beeld van hoe de gesloten dorpsgemeenschap de steven wel moest wenden

     Onder de Colette-vrijwilligers bevinden zich niet alleen gepassioneerde veellezers, maar ook diverse begenadigde schrijvers. Arjen van Meijgaard presenteert zijn hertaling van Julia van Rhijnvis Feith, Anka Hashin haar verhalenbundels Schrikkeljaar en Poging tot Fiasco

     En natuurlijk mag ons eigen standaardwerk, Hier wil ik wonen, over het vrolijke bestaan tussen de boekenbergen van Colette & Co, niet ontbreken. Vorig jaar verschenen, samengesteld en geschreven door Coletters Joop Daggers en Martien Versteegh en langzaam maar zeker op weg naar de bodem van de oplage. Een uitgelezen kans om nog een nieuw exemplaar te bemachtigen, voordat je ernaar op zoek moet in het tweedehands circuit (wat we uiteraard óók van harte aanmoedigen!).

    ‘Den Haag, u heeft veel meer geheimen dan ik dacht’
    Burgemeester Jan van Zanen in 2021

  • Algemeen

    19 april: Berend Sommer bij Colette over “De Reichenbachs”

    Op zijn boekpresentatie werd Berend Sommer onthaald als de “stem van zijn generatie”. En, voegde uitgever Mai Spijkers daar aan toe, in het boekenvak is het altijd heel belangrijk om de stem van de generatie te vinden en die dan voor het voetlicht te trekken. Bij Colette zijn we het daar hartgrondig mee eens: uiteraard verkopen we vooral veel dode schrijvers die bij leven de stem van hun generatie waren, maar zo eens in de zoveel tijd halen we ook wat vers bloed naar binnen. Bij Berend waren we er vroeg bij, want al bij zijn debuutroman schitterde hij op ons boekenpodium. En keert hij terug! Boek vier, “de Reichenbachs”, is namelijk hier. 

    “De politieke val van Willemijn veroorzaakt een schokgolf in de familie Reichenbach. Haar publieke vernedering brengt zoon, dochter en echtgenoot naar onontgonnen terrein. Nu zijn ze op zichzelf aangewezen.
    Een kunstenaar, een oorlogsverslaggever, een topambtenaar. Hun honger naar erkenning heeft gevolgen die verder strekken dan de onttakeling van het gezin.
    De Reichenbachs is een duister verhaal over eenzaamheid, macht en oorlog; een roman die zich uitstrekt van Haagse labyrinten en Zuid-Afrikaanse woestijnen tot aan de oostgrens van Europa.
    In De Reichenbachs beschrijft Berend Sommer het verval van de Nederlandse middenklasse en de tol van de eenentwintigste eeuw op het moderne gezin.”

    Na Duchamp (een detektiefje over iemand die uit het raam valt), De Val van Henri Furet (over het ten val brengen van een populist) en Gouden Dagen (over mannen die van hun voetstuk vallen) hebben we nu De Reichenbachs, een roman die begint met de politieke val van een minister uit een deftig Haags muljeu. U ziet de rode draad vast ook wel – we gaan Berend dus in ieder geval vragen of ie als kind uit de kinderwagen is gedonderd en wat hij verder allemaal leest voor de inspiratie. Enfin, allemaal komen, het wordt weer heel erg mooi en er is bier, wijn en fris. 

    We beginnen om 17.00 met het gesprek. Bij mooi weer in de tuin. De toegang is gratis, maar u kunt Colette steunen met een donatie of met de aankoop van een mooi boek. U kunt ook het boek van Berend kopen en laten signeren. 

    De gegevens op een rijtje: 

    Datum: 19 april

    Adres: Reinkenstraat 45

    Inloop: 16.30

    Begin gesprek: 17.00 

    Tijdens het gesprek is er een hapje en een drankje en u bent uiteraard van harte welkom om na afloop nog even te blijven hangen voor een gezellige borrel.

    De vorige keer was het ook lachen.

  • Algemeen

    Ethiek en muziek

    ‘Was er maar een taal die ruimte biedt om vrij en associërend over mijn beroep te denken, vanuit de werkelijkheid van alledag’, dacht rijksambtenaar en buurtgenoot Caroline Wiedenhof. ‘Een taal die niet formeel, droog, of tot in de puntjes correct is. Een taal die zoekt en sprankelt. Die moet te vinden zijn in verhalen van ambtenaren over wat zij meemaken en waaruit zij inspiratie halen.’

    Om die taal te vinden schreef zij het boek Uit de knoop, verhalen van een veranderende overheid. Het verscheen dit voorjaar bij ISVW Uitgevers. Op 8 april presenteert zij het bij Colette, in samenwerking met de stichting Appeltaartconcerten.

    Datum: 8 april 2026
    Tijd: Inloop vanaf 19.30 u., start 20.00 u, einde 21.30 u.
    Locatie: Trefcentrum Duinoord, Sweelinckplein 42 (vlakbij Colette, aan het einde van de Reinkenstraat)
    Aanmelden: info@colette.red

    In zesentwintig brieven aan fictieve ambtenaren ontrafelt Caroline draadje voor draadje, denkwolkje voor denkwolkje de ethiek van ambtelijk vakmanschap. In de brieven reageert ze op een verhaal dat, op enkele uitzonderingen na, door een ambtenaar is verteld of geschreven. Waar dat niet lukte in een brief, ging het soms wel in een gedicht.

    Caroline Wiedenhof zal zeker ook vertellen hoe ethiek, muziek, stapels boeken en appeltaart met elkaar samenhangen. Caroline werkt bij het rijksprogramma Dialoog & Ethiek. Het is haar werk om ambtenaren te helpen nadenken over morele vragen, over wat ze moeten of mogen doen.

    ‘De verhalen van Caroline over de ambtenarij raken me. Ze tonen de kracht van narratieve ethiek. Van luisteren, verbinden, systemisch observeren en menselijkheid tonen, juist ook in professionele relaties.’

    Inge Hutter, hoogleraar participatief en kwalitatief onderzoek, Erasmus Universiteit Rotterdam, cultureel antropoloog

    ‘Caroline heeft een volstrekt eigen blik, die ook na decennia aan ervaring nog altijd vol verwondering en liefde voor de publieke zaak is. Verwacht niet de zoveelste beoordeling aan de hand van het zoveelste model, maar écht, nieuwsgierig onderzoek, waarin ze met zachte vingers de draden van ons gemeenschappelijke weefsel blootlegt.’

    Merel Schelland, adviseur stormvloedkeringen, natuurkundige

  • Algemeen

    Gevonden bij Colette: een weekje naar Parijs

    Coletter Hein van der Hoeven verkoopt op zaterdagmiddagen boeken bij Colette. In de rubriek ‘Gevonden bij Colette’ doet hij verslag van zijn vondsten.

    Reisgidsen: ze liggen op twee plaatsen in de winkel. Achterin, in het gangetje, een paar hoge stapels. En aan de straat, toepasselijk in reiskoffers. Logisch dat reisgidsen bij Colette belanden. Je gaat met vakantie naar Sevilla, de Eifel of Japan, koopt een reisgids, en je weet: ik zal niet vlug nogmaals daarheen gaan, misschien heeft een ander er plezier van. Colette is dan een goede bestemming. Naast bijna gloednieuwe reisgidsen kom je in de winkel – Colette is immers ook een antiquariaat – ook oude tot zeer oude exemplaren tegen.

    Voor mij hebben die oude reisgidsen een bijzondere aantrekkingskracht. Zo vond ik ooit bij
    Colette een gids van voor reizen in Schotland uit de jaren ’60. Ik herinnerde mij die gids, een uitgave van de toenmalige topuitgever van reisboeken Allert de Lange, van vroeger. Prijs: 2 euro. Ik heb de gids met veel plezier gebruikt toen ik naar Schotland met vakantie ging. Aan de hotelinformatie heb je niets meer, maar voor de beschrijving van de natuur, oude stadjes, geschiedenis is zo’n gids nog goed bruikbaar. Mooie beginzinnen: ‘Het land waaraan deze gids is gewijd, Schotland, ligt aan de overkant van de grote stroom de Tweed. En om de ziel daarvan te begrijpen, moet men zijn toevlucht niet nemen tot de folders van de reisbureaus (…), maar tot de nationale dichters sir Walter Scott, de magistrale, en Robert Burns,
    bohémien en Don Juan.’ Zo wordt in deze gids meteen een band gelegd met literatuur. Dat
    lees ik als Coletter natuurlijk graag.

    Binnenkort ga ik een weekje naar Parijs. Ik vond de afgelopen weken bij Colette twee oude gidsjes. Een deeltje in de serie ‘Le monde en couleurs’, een Franse serie uit de jaren ’50 en ’60, waarvan ik vaker deeltjes bij Colette ben tegengekomen. Veel tekst, 500 pagina’s, met in mijn ogen wat knullige plattegrondjes van de verschillende arrondissementen. Ook onhandig is dat de gids geen index heeft. Daar staat tegenover dat de tekst over de geschiedenis van de stad gedegen is. Voorin zit een krantenbericht uit 1951 waarin de Parijse correspondent zich kwaad maakt over de existentialisten zoals Jean-Paul Sartre in een stad waar de afvalligheid (van de rooms-katholieke kerk) ‘de laatste tientallen jaren steeds verontrustender vormen aanneemt’.

    Nog meer plezier beleef ik aan de vondst van ‘Plan de Paris en 12 coupures’ met schitterende plattegrondjes, kaarten van metronet, trams en buslijnen en achterin twee kaartjes van alle trein- en bootverbindingen (met reistijd) vanuit Parijs naar de rest van Europa en de wereld. De band van het gidsje is beschadigd, de prijs 5 euro. Er staat geen jaartal in het boekje. De hoofdstad van Noorwegen heet nog Christiana, een naam die in 1925 (bron: Wikipedia) in Oslo werd veranderd. Meer dan 100 jaar oud moet het boekje dus zijn. Voorin ligt een briefje van de gebruiker: namen van hotels, restaurants (‘’Ganloff, voor 7,50 Francs, zeer goed’), openingstijden van musea. Deze aantekeningen zijn gemaakt op het briefpapier van een Haagse aannemer, de firma Pietersen, kantoor Smidswater 26, telefoon 674.

    Een telefoonnummer van 3 cijfers! Dat papier moet nog veel ouder dan het gidsje zijn. Alleen al om dat briefje zou ik het gidsje gekocht hebben.

    1. Algemeen,  Uitgelicht

      De Rode en de Zwarte Jonker

      Twee broers, twee keuzes en twee totaal verschillende levens. In haar nieuwe boek tekent Daniela Hooghiemstra de levensverhalen op van Marinus en Willem de Goes van Naters. De oudere vrienden van Colette met ene hart voor de socialistische zaak (you know who you are) kennen ongetwijfeld Marinus nog – als de “rode jonker” was hij jarenlang een markant gezicht binnen de PvdA. Minder bekend is dat zijn broer Willem een heel ander pad koos. Hij sloot zich namelijk als “Zwarte” jonker aan bij de NSB. In 1944 kwam hij onder verdachte omstandigheden om het leven, in het uniform van de Wehrmacht.

      Op 7 maart komt Daniela naar Colette voor een gesprek over de jonkers en de ideologische verlokkingen van het Interbellum – helaas weer een uiterst actueel onderwerp. Kom ook en kom hoor hoe de speurtocht naar de verdwenen zwarte broer van de rode jonker verliep.

      Datum: 7 maart 2026
      Inloop: 15.30
      Start interview: 16.00
      Borrel: 17.00

      De toegang is gratis, maar je kan Colette steunen met een donatie of het kopen van een mooi boek.

      Van de uitgever:

      Na de oorlog kende iedereen de ‘rode jonker’ Marinus van der Goes van Naters (1900-2005). Maar zijn broer, de nationaalsocialist Willem (1897-1944), was vergeten.

      Marinus werd als antifascistisch Kamerlid voor de SDAP tijdens de oorlog gegijzeld door de Duitse bezetter. Na de bevrijding werd hij de eerste fractievoorzitter van de in 1946 opgerichte PvdA. Zijn broer Willem was een prominente NSB’er en Hitler-aanhanger. Hij kwam als officier bij de Duitse Wehrmacht onder mysterieuze omstandigheden om het leven. Na de oorlog was het net alsof Willem nooit bestaan had.

      Historicus Daniela Hooghiemstra ging op zoek naar het verhaal achter de broers die zulke tegengestelde levens leidden, en ontdekte dat ze meer met elkaar gemeen hadden dan je zou denken. Worstelend met homoseksuele gevoelens in een door een streng christelijke moraal beheerste, burgerlijke samenleving, dachten de twee aristocraten dat seculiere ideologieën hen konden bevrijden. Uitgebreid bronnenonderzoek, unieke egodocumenten en gesprekken met familieleden leverden een fascinerende familiegeschiedenis op, die nieuw licht werpt op de wisselwerking tussen mannelijke identiteit, verbeelding, idealisme en dictatuur.

      Daniela Hooghiemstra (1967) is historicus, auteur en columnist voor EW. Ze publiceerde eerder onder andere Voor de troon wordt men niet ongestraft geboren (met Dorine Hermans) en Om de liefde, voor de troon over prinses Irene en prins Carlos Hugo. Ze promoveerde in 2013 op de biografie van Kees Boeke, De geest in dit huis is liefderijk.

    2. Algemeen

      Sander Klijn over ‘Demonen’

      Zaterdag 28 februari, om 18:00 in Colette: Lezing van Sander Klijn over zijn debuutroman Demonen. Over een voormalige soldaat die wordt ingehaald door zijn verleden en het onder ogen moet komen.

      Kruitdampen vullen de lucht. De nevel trekt in slierten op, alsof magere vingers van een enorme hand zich langzaam terugtrekken. De echo van het laatste schot sterft weg. In de stilte die volgt beukt Davids hart tegen zijn ribbenkast terwijl hij de seconden telt. Er volgen geen schoten meer.

      Demonen vermengt klassieke fantasy elementen met horror- en thriller elementen in een fictieve wereld die lijkt op onze eigen 19 de eeuw. Het verenigt heel menselijke worstelingen zoals traumaverwerking en consequenties van gemaakte keuzes met bovennatuurlijke en fantastische elementen. Het spreekt tot de verbeelding van lezers die geschiedenis interessant vinden omdat het leent van echte gebeurtenissen
      en tijdperken in onze moderne tijd, zoals de Amerikaanse burgeroorlog, het Victoriaanse Engeland en de opkomst van moderne sociale wetenschappen.

      Sander haalt zijn inspiratie qua thematiek en stijl uit meerdere bronnen: de verhalen van H.P. Lovecraft, het werk van Mike Flannagan (Midnight Mass en The Fall of House Usher respectievelijk) en één van zijn grootste passies: metalmuziek.

      Sander Klijn (1992) is schrijver en communicatieadviseur. Hij roept met enkele zinnen sprekende beelden op en laat de karakters vlot verbaal met elkaar schermen. Niet alles in een verhaal behoeft een actiescene, want een strakke dialoog is net zo spannend.

    3. Algemeen

      Gevonden bij Colette: Albert van der Hoogte. Albert wie?

      Coletter Hein van der Hoeven verkoopt op zaterdagmiddagen boeken bij Colette. Soms vindt hij een boek en soms zoekt hij een boek. Daarover doet hij verslag in de rubriek ‘Gevonden bij Colette’. In deze aflevering een verslag over de zoektocht naar werk van Albert van der Hoogte. Albert wie? Enfin, lees hier meer:

      Vaak ben je in een boekenantiquariaat op zoek naar een bepaald boek. Je hoopt dat ze het hebben. Zo niet, dan ga je naar een andere winkel. Of je komt over een paar maanden terug en start een nieuwe zoektocht. Wie weet hebben ze het nu wel. Dit soort zoekenden is bij Colette & Co. niet altijd aan het goede adres. Want gericht zoeken valt niet mee met al die boekenbergen voor de kasten en in het midden van de winkel. Er is een zoekboek. Daar kan je opschrijven wat je zoekt. Wie weet: misschien komt een van de vrijwilligers het ergens tegen, in een doos, op een plank, in een berg, en word je opgebeld.

      Vaak krijgt de bij ons zoekende klant dus te horen: hier vind je wat je niet zoekt. Zo ontdek je al zoekend naar een bepaalde titel een heel ander boek. Een boek dat je ooit zelf bezat, maar ongelezen hebt weggegeven of weggedaan. Toch wel jammer, dacht je later. En daar is het dan. Je herkent het omslag. Je weet nog waar het in je boekenkast stond. Vier euro slechts. Je koopt het en het krijgt een tweede kans.

      Of je stuit bij toeval op een boek dat je op het eerste gezicht niets zegt, maar dat je toch ter hand neemt en nader bekijkt. Je oog valt op iets interessants in de bio van de auteur, het omslag intrigeert je, in de titel komt een stad voor waar je graag komt. Zo stuitte ik een jaar of wat geleden in een ander boekenantiquariaat op het boek Het Laatste Uur van Albert van der Hoogte. Eerste druk: 1953. Albert wie? Nooit van deze schrijver gehoord. Bleek over Indië te gaan. Daar was Van der Hoogte officier van justitie. Op basis van zijn werkervaringen schreef hij een roman. Die snippers waren genoeg om mijn belangstelling op te wekken. Het was een schot in de roos. Ik las het ademloos uit. Wat een boeiende inhoud en wat een geweldige schrijfstijl!

      Mij bleek dat deze Van der Hoogte in de jaren vijftig een redelijk bekend auteur was. Zo zat hij in het panel van Hou je aan je woord, een populair spelprogramma uit de begindagen van de televisie. Naast o.a. Godfried Bomans, Hella Haasse en Harry Mulisch was hij enige tijd een van de vaste deelnemers. Deze week heb ik het boek besproken op de website van Elders literair.

      Ik weet dat het boek met enige regelmaat bij Colette opduikt. Maar nu vond ik er geen. Zoals gezegd: iets zoeken en vinden is niet altijd makkelijk in onze winkel. Dan maar naar een andere winkel. En ja, daar vond ik het. Het ligt in de etalage. Warm aanbevolen!

    4. Algemeen

      Man, durf te lezen

      Schrijvers Frans van Hilten en Ruard Wallis de Vries doen een nietsverhullende poging om ‘de man’ weer aan het lezen te krijgen (zonder de vrouw daarbij over het hoofd te willen zien!). Bijeenkomst met puntige verhalen vol humor, politiek, muziek, seks en de vraag waar de man in deze tijd eigenlijk staat. Op het boekenpodium van Colette: Zaterdag 10 januari vanaf 15:30 uur.

      Literair agent Paul Sebes veroorzaakte van de zomer veel ophef met zijn bewering dat mannen geen literatuur meer zouden lezen; Frans en Ruard willen graag het tegendeel bewijzen.

      De schrijvers toerden al eerder langs de boekenpodia met hun werk. Nu geven zij hun samenwerking een extra dimensie via een serie novelles en satires onder de noemer ‘Man, durf te lezen‘. Ruard schreef de politieke satire ‘De Tulp’ en Frans de novelle ‘Weekend xL’.

    5. Algemeen

      Hoe de jeugd het boekwinkeltje stal

      De zoete walmen van warme chocolade in plaats van de o zo bekende oudeboekengeur. Een ware invasie van meer dan twintig kinderen, een enkeling zelfs met stepje, op de vloer en in de smalle gangetjes tussen de boekenbergen. En niet de zachte klassieke deuntjes uit de speakers, maar achterin de winkel het ritmische stemgeluid van de jonge Delphine, trefzeker het beroemde kerstverhaal van de Grinch declamerend.

      Op de woensdagmiddag voor kerst knipperden de trouwe bezoekers van Colette & Co even met hun ogen toen ze dit niet-alledaagse tafereel aantroffen in hun doorgaans zo serene winkeltje.

      Tekst gaat verder onder de foto.

      Gestolen? Hij krabde zich achter zijn oor.
      Als kerst wordt gestolen, dan gaat het niet door.
      Natuurlijk, dat was een geweldig idee!
      De Gniep steelt het kerstfeest. De Gniep neemt het mee!

      Rayonhoofden Marko en Ilse van de kinderboeken wilden graag iets met het thema kerst doen. Ze namen contact op met de kleine, gezellige Da Costaschool, op een steenworp afstand van onze winkel. Juf Romy van groep 7 vond het meteen een goed idee. Zo ontstond het plan om de winnaar van de voorleeswedstrijd die de school tijdens de kinderboekenweek had georganiseerd te laten optreden. Het verhaal was voor deze gelegenheid snel gekozen: How the Grinch Stole Christmas van Dr. Seuss, in de knappe Nederlandse vertaling van Bette Westera, Hoe de Gniep de kerst stal.

      De Gniep was geniepig, de Gniep was gemeen.
      Hij moest iets verzinnen en deed het meteen.
      Hij jokte: ‘Er wilde een lampje niet branden.
      Ik neem jullie boom nog vannacht onder handen.
      Hij gaat naar mijn werkplaats, dus maak je geen zorgen.
      Ik maak hem vandaag en dan staat hij er morgen.

      Talloze klas- en schoolgenootjes uit de bovenbouw kwamen op hun vrije woensdagmiddag maar al te graag naar het antiquariaat om Delphine te horen voorlezen uit het spannende verhaal, net als enkele ouders en leerkrachten. Bij het vertrek mochten ze allemaal een boek uitzoeken uit de goedgevulde jeugdafdeling. Want alleen door te lezen, gaf Marko ze nog mee, kun je op twee plaatsen tegelijk zijn.

      Een klein uurtje na de bestorming keerde de rust terug. De net iets oudere boekenstruiners en de karakteristieke muzikale klanken konden hun vertrouwde plek weer innemen.

      Over ‘Hoe de gniep de kerst stal’ (tekst via Gottmer Uitgevers Groep)

      Ergens in een sneeuwvlok ligt het magische land van de Hunnen, een piepklein volkje dat houdt van Kerstmis en van feestvieren. Maar boven op de berg leeft de Gniep, een oude knorrepot die de kerst haat. Niemand weet waarom. Waarschijnlijk is zijn hart gewoon twee maten te klein. Op kerstavond besluit hij, vermomd als de Kerstman, naar het Hunnendorp af te zakken om de cadeautjes en kerstversieringen van de Hunnen te stelen. Dan kunnen ze geen Kerstmis vieren, daar is de Gniep zeker van. Maar dan heeft hij de Hunnen toch onderschat.

      Bijna iedereen kent wel de klassieke verfilming van het Dr. Seuss-boek ‘How the Grinch Stole Christmas’. Geniet nu van de briljante Nederlandse vertaling door niemand minder dan Gouden Griffel-winnares Bette Westera.

    6. Algemeen

      Daar hebben we (ook) veel van: Vestdijk

      Waarom meer dan twee planken Vestdijkboeken bij Colette? Aad van Schie, van rayon Nederlands, legt het even uit. Dit is het derde deel in onze serie ‘Daar hebben we (ook) veel van‘.

      Vestdijk

      Simon Vestdijk, geboren op 17 oktober 1898 in Harlingen, afgestudeerd arts,  korte tijd werkzaam als scheepsarts en waarnemer, wijdde zich vanaf 1932 volledig aan de letteren tot aan zijn dood in 1969. En hij heeft heel wat afgeschreven: 52 romans, vele essaybundels over allerlei onderwerpen, duizenden gedichten en bijzonder verhalenbundels.

      Hij werd beschouwd als een duivelskunstenaar vanwege de breedheid van zijn werk en het tempo waarin hij zijn werk schreef. ‘Vestdijk schrijft sneller dan God kan lezen’ schreef collega dichter Adriaan Roland Holst over hem. Vestdijk won alle literaire prijzen, die er maar te winnen waren. Bijna won hij de Nobelprijs voor literatuur in 1969, de flaptekst van zijn nieuwe roman was al voorzien van dat feit, maar helaas.

      Hij werd in het midden van de vorige eeuw lang beschouwd als de beste schrijver die we hadden, al had hij wel de naam ‘moeilijk’ en vooral rationeel te schrijven. Wat mij betreft is dat overigens onzin, al moet je wel enige ausdauer hebben om zijn boeken te lezen. Na zijn dood verdween hij vrij snel uit beeld ofwel naar de kelder van de Nederlandse literatuur, waar je als schrijver in Nederland na je dood al snel terecht komt. In de kelder van Colette kun je overigens ook veel Vestdijkboeken vinden, maar dat zijn de reserveboeken. In de Nederlandse literatuurkast zijn twee dubbele rijen planken bezet met de meeste van zijn romans, verhalenbundels en essaybundels. En als medebeheerder van de sectie Nederlandse fictie sta ik achter de stelling: ‘Doe Vestdijk nooit weg,’  afkomstig van een van de bekendste collega-boeken-antiquariaten Hinderickx en Winderickx in Utrecht. ‘Je blijft ze verkopen.’ En dat is ook zo bij Colette. Soms enige weken geen verkoop van Vestdijk en dan weer een heel aantal.

      Enige wenken bij het maken van een keuze uit de vele Vestdijktitels.

      Hoe maak je nu een keuze uit al die titels? Zelf begon ik Vestdijk te lezen op de Kweekschool ( al heel lang Pedagogische Academie genaamd ) in de vroege jaren 70 van de vorige eeuw. Ivoren wachters, de roman over de jongeling Philip Corvage met een zeer slecht gebit, die zijn tandarts betaalt met een gedicht en die verliefd wordt op zijn lerares, was een van de eerste die ik tot me nam. Daarna natuurlijk de wellicht beste Nederlandse roman over de ideële jeugdliefde ‘Terug tot Ina Damman’, gebaseerd op Vestdijks werkelijk beleefde romance met een medeleerling op de HBS in Harlingen.

      In de jaren daarna las ik al zijn romans. Later in mijn leven las ik ook veel over zijn werk en werd ik zelfs lid van de nog steeds springlevende Vestdijkkring, die elk jaar nog kronieken uit brengt en lezingen verzorgt. Kijk maar op de website www.vestdijk.com !

      Bij Vestdijk vind je autobiografische romans zoals met name de Anton Wachter reeks, waarin Vestdijk in acht delen zijn vroege jeugd en jongelingschap behandelt. Nooit helemaal biografisch want bijvoorbeeld in deel 2 Surrogaten voor Murk Tuinstra gaat zijn vader dood en in werkelijkheid stierf deze in 1944.

      Marcel Proust, de grote Franse schrijver met zijn epos ‘Op zoek naar de verloren tijd,’ was hierin zijn voorbeeld. De hele Anton Wachter reeks is zeer de moeite waard al blijft deel 3 over Ina Damman het hoogtepunt.  Vestdijk schreef 13 historische romans van grote klasse en ze speelden van de voor- Homerische tijd (1240 voor Christus) in Griekenland te weten’ Aktaion onder de sterren’ tot ver in de 19e eeuw in Ierland: ‘Ierse nachten.

      Het zijn allemaal op de eerste plaats psychologische romans, maar wel in een doeltreffend en juist historisch decor. Een van de hoogtepunten in deze reeks is ‘Vuuraanbidders’ zijn omvangrijkste roman, die speelt gedurende het Twaalfjarig Bestand uit de Tachtigjarige Oorlog. ‘Een historisch werk van grote allure,’ schrijft bewonderaar Maarten ’t Hart over dit boek. Uiteraard kwam ook de Tweede Wereld oorlog voorbij bij Vestdijk. Vier romans zelfs waarbij ‘Pastorale 1943’, over tamelijk onnozele verzetslieden in Doorn, geschreven tijdens de oorlog en in 1948 gepubliceerd, de beste is. Fraai verfilmd door Wim Verstappen in 1978. 

      Vier fantastische romans verschenen er van deze meester. De beste is ‘Kellner en de levenden’, een verhaal over het Laatste Oordeel, waarbij 12 burgers met een touringcar naar een bioscoop gebracht worden, waarachter het doolhof van het Laatste Oordeel zich bevindt. Een gevecht tussen  de Ober (duivel) en de Kellner, die hier staat voor de Verlosser, waarbij de 12 gelouterd  en gered worden. Bij thuiskomst blijkt die loutering zeer relatief. Zeer filmisch geschreven, maar helaas niet verfilmd dit boek. Van de zogenaamde contemporaine romans springen vooral De koperen Tuin ( imposante, muzikale roman), Het Glinsterend Pantser, over een tragische componist, geplaagd door de huidziekte psoriasis, De Ziener, over een loser, die een relatie tussen een lerares en leerling tot stand brengt en Zo de ouden zongen, over een nostalgische terugblik op een oude liefde, eruit.

      Over de taal, de humor  en de thematiek van Vestdijk.

      Hugo Brandt Corstius, die samen met Maarten ’t Hart alle tweeënvijftig romans van Vestdijk besprak in de publicatie ‘Het Gebergte’, een aardig passage over de taal van Vestdijk. Naar aanleiding van het in het Zweeds geschreven Nobelprijsrapport, zei de schrijfster daarvan: ‘Zijn taalgebruik om maar iets te noemen, vind ik niet zo mooi met al die kronkelige zinnen.’ Brandt Corstius: ‘Daar heb je al die kronkelige zinnen weer!. Het is waar dat Vestdijks zinnen wat langer zijn dan van de gemiddelde Nederlandse romanschrijver. Ze zijn langer omdat hij alles altijd van twee kanten bezag en dan nog van een derde kant bovendien.

      Ook was zijn woordenschat ongeveer tien keer zo groot als van de gemiddelde Nederlandse romanschrijver In Van Dale wordt Vestdijk 264 keer geciteerd, voor woorden als arkebussiers, bomberend, chimerisch, kwaadsappig, lowbrow, meretrix, waterbroodje en zolderschildering. Er zijn inderdaad mensen die niet van zulke lange zinnen houden, maar die moeten dan even niets tegen de Zweden zeggen.’

      De humor dan. Ook hier citeer ik Brandt Corstius, die in hetzelfde boek over Vestdijk, de roman Het glinsterend pantser, bespreekt, onder de titel De misère van de Doornse bungalowtjes.’ Hij citeert Vestdijk: ‘(…) een van die infame huisjes uit de meccanodoos van jongeheer Gladsteen (—) Deze verwerpelijke kubusjes, waaraan alles verkeerd was, afmetingen, verhoudingen, kleuren, ramen, drollige hekjes, balkonnetjes, loggia’s, pilaartjes en de schoorsteen niet te vergeten, waren soms neergezet vlak naast een gewone eerwaardige donkere boerenwoning van vijftig, zestig jaar geleden met een paar geschoren linden ervoor. Dat had men maar te nemen. Nu ik nam dat ook wel, ik smeet geen ramen in, ik belde het ministerie van publieke smaakverpesting niet, ik onthield mij van ingezonden stukken, en spaarde mijn verbazing op voor de allerergste excessen, zoals op een stralende lentemiddag, dat zeer vreemde gewrochtje van roze suikergoed, waar een schoorsteen gemetseld van ruwe, onregelmatige stenen, iets van een oud-Romaanse kerk , gewoon tegenaan was geplakt, zonder daarbij te verzuimen de schoorsteen te zijn van het huis zelf.

      Daar school iets geniaals in. De schoorsteen, dat ruwe gemetselde ding van eeuwen en eeuwen her, daalde neer van helemaal in de hoogte tot op de grond, en waarschijnlijk in de grond, als de spleet  van een bliksemstraal in een Japans pruimenboompje in kleurendruk. Laat een oude boerin met borstkanker er rouge op smeren en men krijgt hetzelfde beeld; het was wat men noemen mocht een aanstotelijk gebouwtje.’ Deze tekst heef ooit vast fantastisch geklonken, toen deze roman als hoorspel werd uitgezonden. En die humor vind je in heel veel boeken van Vestdijk.

      De thematiek bij Vestdijk. 

      Schrijvers als Hella Haasse, Kees Fens en Marin Hartkamp hebben hierover lange essays geschreven. Voorbij kwamen dan thema’s als: ‘Meester en leerling,’ Identificatie en isolement en De onbereikbare geliefde. In de Griekse roman Aktaion onder de sterren komen het eerste en derde thema prachtig bij elkaar. De leermeester van Aktaion, de paardmens Cheiron probeert zijn leerling af te houden van zijn passie voor de godin Artemis. Dat mislukt en als het Aktaion lukt om de godin te krijgen, verandert hij in een hert en wordt door zijn eigen honden verslonden. Ik eindig dit artikel met een krachtig gedicht, waarin het thema van de leerling en de meester beeldend verwoord is: 

      De meester

      ‘k Ging bij hem schaken. En hij won niet een,

      Maar vijftig keer om mij het spel te leeren,

      Tot op dien dag,- met eerste winst alleen,

      Zijn kamer hol en dreigend om mij heen,-

      ’t Verdriet aanving, omdat ik niet meer vereeren

      Kon, naar de meesterhand niet opzien meer en 

      Niet meer bang zijn, als hij de ivoren bent

      Aan zwaarschuivende doos ontnam- verboden

      Inbreuk leek ’t mij eerst, op hen die als dooden

      Half godheid zijn en half beenornament.

      En daarna, bij elk spel, en ongeweten,

      Smeekte mijn jeugd aan ’t toeval hunner woning

      Voor hem, die nog mijn hechte meester heette, 

      Den heiligen, den onneembare koning.

      Lees hier de eerdere afleveringen in de serie Daar hebben we (ook) veel van:

      Colette

      Janwillem van de Wetering